Jaap de Geus: de eerste centen na de oorlog


Verloren uurtje; Marktplaats doorgespit, Ebay afgegraven en op verzamelaarsplatform Catawiki terechtgekomen. Niet toevallig bij de boeken. Daar kwam ik iets tegen dat er zo vertrouwd uitzag dat het me decennia terug in de tijd wierp. Een boekje waar ik meer van weet dan welke verzamelaar ook.

jaap de geus

Jaap de Geus is “de Groene” te slim af. Een spannend oorlogsverhaal voor jongens van 8 tot 80. Auteur en uitgever onbekend.

Ik weet waarom. Die auteur was mijn vader,  Cor (Cees) Meijer, die naast journalist ook een geboren zakenman was. In het laatste najaar van de bezetting schreef hij dit verhaal en wist een clandestiene partij papier te regelen.

Papier was schaars, op de bon en je moest verdomd goede redenen hebben om wat papier los te krijgen. Het schrijven van een jongensboek waarin een kwajongen de Groene Polizei om de tuin leidde, was in september 1944 beslist geen reden om een partij papier bij de bezetter los te weken. In tegendeel, de kogel kon je krijgen. Vandaar dat ook de drukker en de illustrator hun naam niet vermeldden.

Een verzetsdaad? Nee, want in die barre tijden was er maar een ding wat mijn vader er mee wilde: wat centen verdienen.

jaap de geus illustratie

In zijn commerciële doelstelling slaagde mijn vader wonderwel. Het boekje was voor de winter klaar voor verspreiding en het chauvinistisch jongensverhaal ging er in als koek. Met het geld dat hij ermee verdiende kocht hij sigaretten. Daar draaide hij, van de laatste restjes papier, dunnere sigaretten van die hij verkocht of ruilde tegen eten.

Dat allemaal heeft mijn vader me ooit verteld toen ik klein was, diep terug in de jaren 70. Hij heeft me het boekje zelfs voorgelezen. Het enige wat ik nog weet was een illegale radio die verstopt zat onder het varkenshok. Verder heeft Jaap de Geus blijkbaar niet al te veel indruk op me gemaakt.

Wel indruk maakten mijn vaders verhalen over oorlog, honger, angst en onrecht. En een tentoonstelling  ter gelegenheid van de dertigste bevrijdingsdag (’75) waar hij mij mee naartoe nam. Met foto’s van slagvelden, opgeblazen gebouwen en de verbrandingsovens in de concentratiekampen. Nog heel lang heb ik een vage angst gehouden voor zwart-wit fotografie.

Naschrift:

het vliegtuig op de cover van het boekje is een Hawker Typhoon. Na de oorlog zou hij ruim 25 jaar hoofdredacteur zijn van De Typhoon, Dagblad voor de Zaanstreek.